Interview Erik Vermeulen

Storytelling is een essentiële vaardigheid geworden

25 juli 2018 Wilfried Olthof en Thomas Wijsman
PDF
In dit artikel:

Erik Vermeulen is als jurist verbonden aan Signify (de nieuwe naam van Philips Lighting), waar hij wereldwijd verantwoordelijk is voor de juridische aspecten van de groep. Hij kijkt graag over de grenzen van het juridische vakgebied. Zo was hij bijvoorbeeld bij de ‘oude’ Philips betrokken bij het opzetten van een venture-capital fonds op het gebied van healthcare. Vervolgens kwam Erik steeds vaker in contact met innovatie en met startups. Daar is hij zich meer en meer op gaan richten en op dit moment is hij sterk bezig met de vraag hoe de technologie de wereld, ons leven, ons werk en al onze andere dagelijkse bezigheden verandert. Erik timmert veel aan de weg. Hij is een enthousiaste blogger en spreekt elke twee weken wel ergens in de wereld over technologische ontwikkelingen. Bij Tilburg University is hij hoogleraar aan de rechtenfaculteit (professor of Business & Financial Law). Een van de recente ontwikkelingen in zijn onderwijs is de introductie van het vak Coding for Lawyers.

Erik hield op 1 september 2017 een presentatie op het jaarlijkse Alumni Event van de Postmaster IT-auditopleiding van de Tias-Business school, waar hij ook doceert in het Commissarissen en Toezichthoudersprogramma. In zijn presentatie gaf hij zijn visie op de impact van digitalisering en actuele onderwerpen zoals Blockchain, Connectivity, Convenience & Choice, Business ethical & legal challenges, Understanding technology en New business landscape, thema’s die zeker ook voor IT-auditors relevant zijn. Alle reden dus voor een interview.

Hoe verandert technologie onze wereld?

‘Stel, je hebt een nieuwe magnetron nodig. Wat doe je dan? Mijn oude magnetron begaf het kort geleden. Je kunt natuurlijk naar de winkel, maar steeds vaker gaan mensen via Google op zoek naar een online leverancier die de volgende dag – in mijn geval was dat toevallig een zondag – voor de middag kan leveren, en wel zonder extra kosten. Je geeft op wat voor apparaat met welke functionaliteit je zoekt, welke prestaties je nodig hebt, wat de afmetingen moeten zijn, en wat de beoogde prijsklasse is. Dat deed ik, en in een oogwenk kreeg ik een aantal aanbevolen apparaten voorgeschoteld. Ik vergeleek de producten, las de reviews en maakte mijn keuze. Binnen enkele minuten was ik klaar – bij wijze van spreken zonder van de bank te komen. De volgende dag rond elf uur ’s ochtends was ik de trotse eigenaar van een splinternieuwe magnetron. Wat gebeurde hier precies? Als je het analyseert zie je dat het een proces met vijf stappen is. Stap 1: via een eenvoudig te bedienen interface communiceer ik wat ik nodig heb naar een online platform. Stap 2: een algoritme verzamelt de verschillende opties die aan mijn criteria voldoen en presenteert ze in de vorm van een geïndividualiseerde set keuzemogelijkheden. Stap 3: ik neem de persoonlijke ervaringen van klanten die mij voorgingen als basis voor mijn beslissing. Stap 4: ik maak mijn keuze en voltooi de transactie. Stap 5, ten slotte: mijn gegevens worden opgenomen in het systeem om mij en andere klanten in de toekomst te kunnen bedienen. In feite zie je hier connectiviteit – de klantenkring van het online platform–, keuzeprocessen en gemak samen komen. En dat is een van de voorbeelden van hoe technologie ons leven fundamenteel aan het veranderen is.’

Wat betekent dat voor bedrijven?

‘Bedrijven moeten stoppen met proberen te voorspellen wat de toekomst ze zal brengen. In plaats van zich af te vragen: wat zal 2030 ons brengen? kunnen ze zichzelf beter de vraag stellen: hoe bewegen we ons succesvol van nu naar 2030? Wat gaan we daarvoor doen en hoe moeten we het aanpakken? Als eerste stap zie ik dat je de technologieën, processen en kernwaarden gaat begrijpen die de drivers vormen van de nieuwe economie – met als verschijningsvormen de platformeconomie, de deeleconomie en de circulaire economie. Dan denk ik niet alleen aan kunstmatige intelligentie, robots en blockchain maar ook aan automatisering in het algemeen. We moeten ook sociale media, crowd-gedrag en data-analyse beter gaan begrijpen. Het bestuderen van al deze bouwstenen van onze nieuwe wereld is een essentiële eerste stap. Als tweede stap moeten we met zijn allen nadenken over de nieuwe rollen die zich uitkristalliseren en over onze eigen positie in deze nieuwe digitale orde. Hoe zijn bestaande banen al aan het veranderen? Welke vaardigheden hebben we nodig om deze nieuwe veranderde banen uit te voeren? En hoe kan ik mijn eigen vaardigheden ontwikkelen op een manier die een zinvolle bijdrage levert en waarde toevoegt? Als derde stap, ten slotte, moeten we werken aan ons eigen persoonlijke verhaal en het uitstralen van ons eigen unieke persoonlijke “merk”. Storytelling is een essentiële vaardigheid geworden – niet alleen voor bedrijven en organisaties, ook voor het individu. Via deze drie stappen kunnen we onze focus verleggen van de toekomst voorspéllen naar het ontwérpen van een betere toekomst.’

Wat is de consequentie voor machtsverhoudingen en de rechtsstaat?

‘Regelgevers hebben de neiging te proberen oude juridische regels en bedrijfsmodellen op te leggen aan deze nieuwe wereld, aan nieuwe technology driven initiatieven zoals Airbnb en Uber. Maar ik denk dat regelgevers anders moeten gaan regelgeven en doen ze dat niet, dan gaan ze achter lopen. Regelgevers hebben nu eenmaal per definitie altijd een achterstand op de technologische ontwikkelingen, dat is een gegeven. Maar nu gaan die ontwikkelingen vele malen sneller dan in het verleden. Neem de introductie van de auto. Toen de eerste auto’s verschenen, kwamen er niet opeens een paar miljoen op de markt. Dus er waren nog geen stoplichten nodig, geen verkeersregels, et cetera. De regelgevers hadden de tijd om zich aan de nieuwe ontwikkeling aan te passen. Het probleem dat je nu ziet is dat alles veel sneller gaat. Bovendien ontwikkelt ook de acceptatiegraad zich in versneld tempo. Ook zijn cycli een stuk korter. Een ander probleem is dat je technologieën niet meer geïsoleerd kunt bekijken. Neem de ontwikkelingen die je nu ziet: artificial intelligence, internet of things, blockchain en straks misschien quantum computing. Al die nieuwe dingen zijn elkaar aan het versnellen. Want hoe meer data ik heb, hoe slimmer systemen kunnen zijn. Hoe meer sensoren ik heb, des te meer data ik kan vergaren.

Regelgever wordt co-creator in stelsel van checks and balances

Door deze combinatie van factoren zullen regelgevers steeds meer gaan achterlopen. En dan kan het gevaarlijk worden, omdat we nu met connectivity en heel veel data ook andere technologieën voeden. Regelgevers zullen nu veel meer samen met die innovators aan tafel moeten gaan zitten – en dat zie je ze nu ook inderdaad steeds meer doen. In de financiële wereld zie je bijvoorbeeld de regulatory sandbox, waar regelgevers innovators en banken uitnodigen om samen te bekijken hoe met die innovaties om te gaan: is de regelgeving nog goed, moet die worden aangepast, of is het misschien beter om de innovatieve ontwikkeling gewoon vrij te laten? De bedrijven willen die samenwerking ook, zeker in heavy omgevingen zoals healthcare, energy, banking. Dus gaan ze al veel sneller met de regelgever aan tafel dan vroeger. Op die manier wordt de regelgever een co-creator in een stelsel van checks and balances. En regelgevers zullen zelf ook veel meer als een platform moeten gaan werken in plaats van als een regelgever die van bovenaf regels oplegt.’

Je had het daarnet over storytelling: kun je daar iets meer over zeggen?

‘Met storytelling bedoel ik in dialoog gaan met al je stakeholders. Dat wordt steeds belangrijker. Gek eigenlijk, we genieten allemaal van “een goed verhaal” in een roman, in een manga verhaal of in een opera. En we beseffen maar al te goed wat de kracht ervan is om een boodschap over te brengen. Desondanks word ik steevast wantrouwend aangekeken wanneer ik bij bedrijfsadviseurs of andere professionals begin over hoe belangrijk het is om de kunst van het verhalen vertellen meester te worden. En als ik opper dat storytelling de belangrijkste vaardigheid is om in het digitale tijdperk te overleven, dan wordt dat idee meestal weggelachen. Dat komt doordat mensen bij storytelling denken aan het voorbije “analoge” tijdperk van schilderijen, gedrukte boeken en verhalen rond het kampvuur, dat soort zaken. Het lijkt ouderwets, vaardigheden uit een ander tijdperk. Of het wordt gezien als wéér zo’n marketingtool of een manier om nepnieuws de wereld in te helpen. Maar daarmee slaan ze de plank helemaal mis. Iedereen zou zich juist moeten verdiepen in de kunst van het verhalen vertellen. Daar zijn drie redenen voor.
Ten eerste: de ontwikkeling van platformen en ecosystemen. Neem bijvoorbeeld de dominantie van Amazon en de noodzaak voor andere, minder geavanceerde bedrijven om zich bij dat platform aan te sluiten om te kunnen overleven. Zie Levi’s. Hun koers ging omlaag en ze besloten vervolgens exclusief via Amazon te gaan verkopen. En woof, de koers schoot omhoog. Zo zie je: juist in de wereld van de platforms heb je niet genoeg aan gevestigde merken en aantrekkelijke producten om klanten tot aankopen te verleiden en personeel aan te trekken. En juist op die platforms moeten bedrijven een heldere missie hebben. Ze hebben bestaansrecht nodig en moeten techniek gedreven zijn en een klant-centrale visie omarmen. Storytelling is daar een van de beste strategieën voor. Een goed verhaal inspireert, bouwt relaties op, nodigt uit tot het geven van input – en bevordert daarmee de dialoog – en geeft een ziel aan het bedrijf en zijn platform. Hoe simpel dit ook klinkt, business consultants aarzelen om hun cliënten te adviseren open en kwetsbaar te zijn en bereid te zijn in alle openheid ook de vervelende onderwerpen bespreekbaar te maken.

Ten tweede: bedrijven hebben een visie nodig op complexe omstandigheden. We leven in een onzeker tijdperk door complexe wet- en regelgeving, die een grote impact heeft op de businessmodellen. Dit draagt het risico in zich dat het “echte verhaal” naar de achtergrond verdwijnt. Consumenten, investeerders en stakeholders hebben geen boodschap aan resultaten uit het verleden maar zijn vooral geïnteresseerd in het verhaal van de te verwachten groei en ontwikkeling van een bedrijf. En ze hebben meer aandacht voor het milieu en duurzame ontwikkelingen.

Ten derde: het automatisme van verantwoording met behulp van Big Data. De verantwoordingsrol zal meer en meer worden overgenomen door toepassing van algoritmes voor data-analyses. Computers en algoritmes zullen voortdurend de prestaties van ondernemingen bewaken en “real time” rapporteren wat nu nog in kwartaal- of jaarverslagen wordt gepubliceerd.’

Zo te horen gaat dit ook grote gevolgen hebben voor auditors

‘Klopt. Vandaag de dag zijn een goed financieel plaatje en adequate corporate governance weliswaar nog steeds nodig, maar dat is niet meer genoeg. Je ziet een verschuiving van financial disclosure naar je ESG-rapportage: environmental, social en governance informatie, waarmee bedrijven laten zien dat ze maatschappelijk verantwoord bezig zijn. Het verhaal daarover moet niet alleen mooi en inspirerend zijn, maar ook geloofwaardig – een goed verhaal sluit aan bij wat je doet en bij de cijfers. Daarom moet het verhaal, het narrative worden ondersteund door een objectief oordeel van de accountant. Wat zijn we, een platform, een zoekmachine? Vertelt het bedrijf een sprookje of een controleerbaar verhaal?

Zonder auditors kunnen praktijk en narrative uit elkaar gaan lopen

Een niet overtuigend narrative ervaart het publiek als een sprookje, als een Harry Potter-verhaal. Als de auditors een bedrijf niet bij de les houden, kunnen de praktijk en het narrative van een bedrijf uit elkaar gaan lopen. Facebook illustreert dat goed. Dat bedrijf had een prachtig verhaal maar dat vertelde niet dat het bedrijf zijn consumenten verwaarloosde. Hun oorspronkelijke verhaal, “wij zijn een sociaal platform”, klopt niet meer. Ze wáren ooit een sociaal platform, maar nu niet meer en zo loopt het mis. Je narrative is iets wat je voortdurend checkt en ontwikkelt. Uber heeft ook zijn verhaal niet aangepast toen het de keukentafel ontgroeide. Maar Tesla is een voorbeeld van een bedrijf waarvan het verhaal wél nog steeds klopt.’

Wat betekent dit voor auditors?

‘Neem de accountants. Die zijn vanouds gericht op controle, maar een toenemend aantal accountants voorspelt dat hun controlerende rol door de toepassing van algoritmes en data-analyse geleidelijk aan verschuift naar continuous monitoring. Ik denk ook dat het inderdaad die kant uit gaat. Maar, laten de accountants zich bij die monitoring niet alleen op de betrouwbaarheid van de cijfers en op de performance richten. Laten ze vooral ook checken of al die verhalen die bedrijven vertellen sporen met wat ze in de praktijk doen. En omdat vandaag de dag de business overwegend technology driven is, spreekt het eigenlijk vanzelf dat IT-auditors daar een cruciale rol kunnen spelen. Alleen, ze zullen eerst moeten begrijpen waarom dat nodig is.

Het interview loopt ten einde, Erik staat alweer in de startblokken voor het college dat nu op de rol staat. In het afgelopen klein uur heeft hij ons genoeg stof tot nadenken te geven. Flink opgeschud nemen we afscheid.

 

Geen categorie

Drs. W. (Wilfried) J.A. Olthof | Directeur bij NOREA

Wilfried Olthof is directeur van NOREA en heeft daarvoor functies vervuld bij de Perscombinatie, het ministerie van VROM en de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij heeft Politicologie en Bestuurswetenschappen gestudeerd.

Thomas Wijsman

Drs. Th. (Thomas) Wijsman RE | coach en strategisch adviseur

Gepokt en gemazeld bij de Algemene Rekenkamer is Thomas Wijsman nu actief als coach en strategisch adviseur. Hij is opgeleid in IT, IT-audit, pyschologie en coaching, en combineert zo hard en soft skills. Onlangs adviseerde hij de Georgische Rekenkamer over IT-auditaanpak en inrichting van de IT-auditfunctie. Daarnaast is hij actief in verschillende commissies van Norea.